De belangrijkste soorten vliegen in en rond de stal

Vliegende insecten

 

De huisvlieg (musca domestica):

De huisvlieg is veruit de meest voorkomende vlieg in en rond alle types van stallen. De volwassen huisvlieg voedt zich met voedselresten, ze steekt niet.

De huisvlieg heeft een enorme reproductiecapaciteit. In optimale omstandigheden kan één vrouwelijke huisvlieg in 3 maanden voor 21,6 miljoen vliegen en 27 miljard nog niet uitgekomen eieren zorgen. Tijdens de warmere perioden van het jaar duurt de ontwikkeling van ei tot volwassen vlieg gemiddeld 2 tot 3 weken. In verwarmde stallen gaat de voortplanting het gehele jaar onverminderd door.

Larven zijn ongeveer 1 cm lang en wit en zitten in de vochtige delen van de broedplaatsen, de roodbruine tonvormige poppen zitten in de drogere oppervlakkige delen.

Mest en rottende voedselresten zijn uitstekende broedplaatsen. Bij een overlast van huisvliegen moet u steeds de broedplaatsen opruimen. Omwille van het gemak waarmee deze vliegensoort resistentie opbouwt worden bij voorkeur insecticiden gebruikt. De huisvlieg voedt zich niet op de dieren, een behandeling van de dieren met een insecticide is dan ook overbodig.

De stalvlieg (Stomoxis Calcitrans), lastige veel voorkomende gast:

Wanneer de buitentemperatuur daalt dringt deze vlieg de stallen binnen. Als er geschikte broedplaatsen in de stal zijn kunnen deze vliegen ook continu in de stal voorkomen. De broedplaatsen zijn rottend plantaardig materiaal al of niet gemengd met mest zoals ingestrooide paarden- of kalverstallen, rottend hooi, mesthopen, rottend gras onder koeienvlaaien. Bij onweerachtig weer komen deze vliegen ook in huis voor.

De stalvlieg voedt zich met bloed, het is dus een steekvlieg. Iedere individuele vlieg komt 1 à 2 maal per dag gedurende ongeveer 15 minuten zich voeden op het dier. Ze heeft de voorkeur voor runderbloed, maar ook de mens kan gestoken worden.

De kleine kamervlieg (Fannia canicularis):

Deze vlieg komt vooral voor in varkensstallen, vooral wanneer er veel vloeibaar materiaal in de mestputten zit. De larven hebben een typisch gesegmenteerd stekelig uitzicht.

De roofvlieg of drijfmestvlieg (Ophyra aenescens) is nuttig, dus niet bestrijden!

Deze vlieg komt veel voor in kalvermesterijen. Het zijn trage weinig actieve vliegen die iets kleiner zijn dan de huisvlieg. Ze zitten voornamelijk op de stalmuren en veroorzaken daarom geen hinder aan dier of mens. Omdat zij de larven van de huisvlieg opeten moet u deze vliegen niet bestrijden. De poppen van de roofvlieg worden verkocht als biologisch bestrijdingsmiddel voor de huisvlieg.

Kleine vliegjes zoals de fruitvliegjes (Drosophiliae):

De vliegjes kunnen soms zeer talrijk in stallen aanwezig zijn. Ze voeden zich met en leggen hun eieren in rottend voer. Ze vertonen vaak resistentie tegen insecticiden. Dat komt omdat ze zich zo snel vermeerderen.

Rattenstaartlarven, zijn vliegen die geen probleem veroorzaken

In de lente kunnen rattenstaartlarven massaal vanuit de mestput de stal verlaten. De volwassen vlieg, de zweefvlieg (Eristalis tenax), verlaat de stal en vormt dus geen probleem.